Grote engelwortel (Angelica archangelica)

Wie de engelwortel eenmaal heeft gezien, vergeet deze plant nooit meer. Het is een hele grote, forse plant met een stevige stengel en grote bladeren. De bloemen zijn geelgroen en staan in schermen; de wortel heeft een kruidige, aromatische geur en een zeer specifieke smaak. Het Latijnse woord “angelica” komt oorspronkelijk uit het Grieks: “angelos” dat “boodschapper” betekent. Heel vroeger werd deze plant “engelenplant” genoemd omdat men dacht dat de plant hemelse geneeskracht bezat. Volgens een legende zou de geneeskracht van deze plant door een engel aan de mensen zijn getoond. De toevoeging “archangelica” betekent “aartsengel”.

Meestal groeit de engelwortel in een vochtige omgeving, bij voorkeur aan het water. De verse stengel, de vruchten en de wortels bevatten stoffen die de natuurlijke afweer die de huid tegen de zon heeft, teniet doen. Daarom is het aan te raden na elke aanraking met deze plant de handen te wassen of van tevoren handschoenen aan te doen. De gekonfijte stengel van de engelwortel gebruikt men bij het maken van gebak en bij het bereiden van alcoholische dranken, onder andere bij de bereiding van Benedictine. Vroeger pasten geneesheren de gekonfijte stengels toe als een tonicum, teneinde de energie te verhogen en de kans op infecties te verkleinen.

Volksgeneeskunde

Als medicinaal kruid werd de engelwortel pas in de 15e eeuw populair. Nicolas Culpeper schreef in 1653 “vocht dat uit de wortel gedistilleerd is verlicht alle pijnen en kwellingen afkomstig van koude en wind”. Men gebruikte de wortel in die tijd voornamelijk bij hysterie, epilepsie, “duivelse ziekten” en bezetenheid. Aan Angelica schrijft men tal van eigenschappen toe, met name spasmolytische, diuretische, diaphoretische, carminatieve, expectorerende, aromatische en ontstekingsremmende. Deze eigenschappen zijn min of meer afkomstig van de latere toepassingen van de plant. Werd de plant in het begin vooral gebruikt bij de behandeling van psychische aandoeningen, later werd engelwortel veel meer gebruikt om de spijsvertering te versterken, bijvoorbeeld bij maagkrampen, gasvorming, dyspepsie, anorexia nervosa, nerveuze gastritis, zweren. Ook bij een pijnlijke menstruatie en nerveuze slapeloosheid gaf men engelwortel. Men dacht bovendien dat engelwortel een goed diureticum was, wat onderzoek later ook zou bevestigen. Daarnaast adviseerden deskundigen de plant bij ontstekingen van de luchtwegen, astma en reumatische klachten.

Werkzame bestanddelen

Etherische oliën (wortel: 0.35%-1%, vrucht: 1.5%) als fellandreen, pineen en cymeen, cumarinen en furocumarinen als (0.08%), bergapteen, xanthotoxine, umbelliprenine, organische zuren, valeriaanzuur, looistoffen, bittere iridoïden, bitterstof, flavonoïden, suikers (glucose, fructose, sucrose), hars, vette olie (in vrucht: 17%)

Werkingsmechanisme

Bitterstoffen zetten de doorbloeding aan en zorgen ook voor een betere opname van voedingsstoffen, etherische oliën werken als aromaticum, carminativum en spasmolyticum; organische zuren hebben een sedatieve en darmregulerende werking. Ook kent men diuretische en ontstekingsremmende eigenschappen aan de plant toe.

In dierstudies is een antibacteriële werking aangetoond tegen onder andere Escherichia coli, Bacillus subtillus, Streptococcus faecalis, Salmonella typhi. De engelwortel heeft daarnaast fungicide (zwam- en schimmeldodende) eigenschappen.

Contra-indicaties

Angelica kan fotosensibele reacties provoceren door de concentratie furocumarinen. Zeer hoge doses kunnen door de cumarinen interfereren met anticoagulantia. Gebruik van Angelica kan de menstruatiecyclus beïnvloeden. Ook een mogelijk abortieve werking wordt bij gebruik van de plant genoemd (bij hoge doses).

Bijwerkingen

Angelica bevat furocumarinen waardoor bij uitwendig contact met de plant huidirritaties en fototoxiciteit kunnen optreden. De huid kan extra gevoelig worden voor UV straling en ontsteken. Langdurig zonnebaden of intensieve UV bestraling (zonnebankkuur) worden bij gebruik van Angelica ontraden. Etherische olie blijkt door stoomdistillatie geen furocumarinen bevatten; de olie -welke uit de vrucht en de wortel wordt bereid- geeft geen huidreacties.

Bron Natura Foundation